zondag 20 september 2015

een spannende race

Een spannende race

Het allerbeste bewijs dat de mensheid is verdwaald in zijn godsdiensten is wel de term ´heilige oorlog´. De laatste tijd wordt dit het meest gebruikt in verband met de jihad van Islamitische Staat.  Het vreemde van alle godsdiensten is, in dit verband, wel het christendom en de islam. Beiden hebben zij een expansieverplichting in zich, wat inhoudt dat beide godsdiensten de wereld moeten veroveren voor hun religie.
Missie en zending baseren zich op deze verplichting, maar ook de jihad.
Het christendom begon van binnen uit te verbrokkelen, vooral nadat Maarten Luther middels zijn Stellingen het denken van de mensen vrijer maakte. Daarna volgden de ene scheuring na de andere plaats. Tenslotte bleef er weinig tot niets mee over van het oude christendom. Rooms Katholieken proberen nog wanhopig het instituut overeind te houden, maar de neergang is onherroepelijk en zal door blijven gaan. Immers een oorlogzuchtige god, daar krijg je genoeg van. En een geldzuchtige god is slechts voor weinigen weggelegd. Eenmaal als het kritische denken in een mens is losgemaakt, dan is het balletje aan het rollen gebracht. Tenslotte, en hij kan daar best lange tijd over doen, maar tenslotte valt het kwartje en neemt hij besluiten. Die verbrokkeling ging niet zonder slag of stoot. Daar waren honderden jaren van godsdienstoorlogen voor nodig. De laatste was in Noord Ierland  nog niet zo lang geleden.
Dezelfde ontwikkeling zien we nu gebeuren met de Islam. De stromingen in het anders denken nemen toe, er komen steeds meer  groeperingen die zich tenslotte vrijgevochten zullen hebben. Vrij gevochten van de ‘oude’ Islam. Die oude Islam probeert met alle middelen het oude gezag vast te houden en elke nieuwdenker wordt uitgeroeid. Maar hoe geweldadig ook, het zal het afbraakproces niet stoppen. Integendeel, zonder het te willen stimuleert zij de neergang van het eigen geloof. Bij de Christenen is er niemand meer die in een “heilige” oorlog geloofd. Bij de Islam komen er steeds meer mensen die de buik vol hebben van het gebrul over heiligheid.
Wat is eigenlijk ‘heilig’?
Een kort antwoord is: heilig is  ‘een slimmigheidje’.
De christenen begonnen zo´n tweeduizend jaar geleden met deze wervingen en kort daarop volgden ook de moslims. Was de eerste in onze ogen menselijker en vredelievender, de tweed predikte ´met ijzeren tong´, tenminste zo werd het verteld door de christenen. Zij waren er echter op uit om de zieltjes van elkaar af te pakken en in te lijven bij het eigen instituut. Toch geldt voor beide godsdiensten dat het werven van zielen goedschiks moest gebeuren, maar als dat niet lukte was kwaadschiks ook een uitstekend alternatief. Bij alle andere godsdiensten vind je deze opdracht niet.
Eerder zagen we al, dat men het woordje ´heilig´ op die begrippen plakte, die niet verklaard of begrepen konden of mochten worden door de goedgelovigen. Als het heilig was verklaard, dan kon je er niet meer aan komen. Dan had de mens er geen invloed meer op, omdat er dan iets goddelijks in was gevaren, waar wij met onze mensenhanden vanaf moesten blijven. Zo werden er heel veel slechte zaken die een machthebber hanteerde om zijn macht te kunnen vestigen heilig verklaard. Voorbeelden  genoeg, denk maar eens aan de heilige plaatsen, de heilige relikwieën, de heilige paus, de zalig- en heilig verklaarde personen in het katholicisme, de heiligdommen, wat de bezittingen zijn,de heilige handelingen die worden verricht in de godsdiensten zoals de doop, de belijdenis, de communie, enz. Heilige plaatsen zoals Mekka en Jeruzalem, maar Ajax verklaart de Arena ook heilig, het heilige gras en de auto is naar Indiaas voorbeeld onze heilige koe.  Zelfs het huwelijk werd heilig verklaard, niet omdat de gelovigen zo´n vertrouwen hadden in een eeuwig durende relatie met een partner,  maar omdat het huwelijk een grote stabiliteit in de samenleving bracht. De machthebbers verklaarden het huwelijk heilig om de kudde zieltjes bij elkaar te houden. ´Wat god samengevoegd heeft, mag de mens niet scheiden´  werd er door de pastores geroepen tijdens een kerkelijke huwelijksplechtigheid. De kerkelijke term voor een dergelijke plechtigheid was ´huwelijksinzegening´ wat in werkelijkheid zoveel betekende als een religieus contract ondertekenen met god als getuige, dat je voor altijd elkaar trouw moest blijven. Met deze trouw werd slechts de lichamelijke trouw bedoeld, omdat de seksualiteit de grootste dreiging was, en nog steeds is, voor deze verbintenis. En dat terwijl je grootste levensopdracht is je voort te planten. Dat in de jaren na de inzegening vrouwen geestelijk werden mishandeld en zelfs kapotgemaakt was slechts van ondergeschikt belang. Ik kende dominees die hun vrouw sloegen uit naam van hun heer. Ik ken bisschoppen die kinderen verkrachten en imams die godsoordelen uitspreken om een tegenstander uit de weg te ruimen. Een heilige moord zou je bijna kunnen zeggen.
Er is een lange weg te gaan, maar eens kom het goed. Het is alleen te hopen dat het algemene inzicht eerder komt dan de vernietiging van onze planeet door het misbruiken van moeder Aarde.

Dat kan nog een spannende race worden.

vrijdag 18 september 2015

Donald

Donald

Bij het horen van de naam Donald, denken we ogenblikkelijk aan Donald Duck. Dat obstinate eigenwijze eendje heeft zich over de hele wereld in het hoofd der mensen vastgezet. Die brutale, ietwat grofgebekte , maar uiterst domme eend. Kakelen, snateren of kwaken, het is eigenlijk allemaal onzin dat hij er uit gooit. Zeg maar de Geert Wilders onder het gevogelte. Kortom één grote armoedige mislukking is hij. Iedere andere eend is slimmer, knapper en vooral rijker dan hij. En toch de hele wereld veroverd...gek hè. Behalve Duck zijn er nog talloze andere Donalds die we wel kennen, maar die niet als eerste in je gedachten komen. Bijvoorbeeld Donald Uges...wat.. ken je die niet.... Wel, die is hoogleraar in Groningen en is een ethicus van het allerhoogste niveau en van beroep is hij klinisch forensich toxicoloog. Slimme man, deze Donald. Dan is er nog Donald Sutherland, Donald Jones, beide acteurs. Iets minder slim misschien dan de vorige. Donald Mitchell voetbalde ooit bij Ajax. Donald Robertson schildert mensen op een rij, alsof het bomen langs de weg zijn. Misschien nog iets minder slim. Donald Dijstra is een dekknecht op een skûtsje. U ziet, het geestelijk niveau van de Donalds is aan het dalen. Dan heb je ook nog Donald Harting, die iets met klankschalen doet. Ja, dan helemaal onderaan het intellectuele lijstje staat Donald Duck, maar hij veroverde wel de wereld. O nee...ik vergis me...er  is nog een Donald die zelfs nog iets lager staat dan Duck. Hij staat iets lager, omdat hij wat valser kwaakt dan Duck, maar verder is hij hetzelfde driftige, onzin uitkramende persoontje als Duck. Zij verschillen niet zoveel. Dat is Donald Trump.

zondag 13 september 2015

Schelpen en lemmingen

schelpen en lemmingen

Als je praktisch op het strand geboren bent, weet je al snel hoe de zee beweegt. Je leert de onvoorspelbaarheid van het weer en het gedrag van het water kennen. Dikwijls door schâ en schande. Wie heeft er nooit schelpen gezocht op[ het strand? Een feest voor kinderen en volwassenen. De talloze soorten in vormen en kleuren blijven boeien. Oesters, mosselen, alikruiken, wenteltrapjes, tepelhorens, tafelmesheften, zaagbekjes en hartschelpen. Ach het zijn zoveel soorten dat het teveel is om op te noemen. De Hoornschelpjes met hun prachtige draaiingen en de tweekleppige schelpen, die je niet open kon krijgen omdat er nog iets in leefde. Schelpen die open stonden en leeggegeten waren door de vogels, herkende je aan het kleine gaatje dat vlak achter het scharniertje zat. Dat hadden de vogels erin gepikt, omdat zich daar de sluitspier bevond van het schelpdier. Als dat spiertje doorgepikt was, ging de schelp vanzelf open en snoepten ze vogels het lekkers er uit. Heerlijk was het om langs de vloedlijn schelpen te zoeken, met de zilte wind in het gezicht.
Zo zou je als kind horen te spelen. We kennen inmiddels allemaal de foto wel, van dat kindje, dat door de kalme branding in slaap was gewiegd, door de strand welterusten gekust, terwijl de zachte bries een slaapliedje fluisterde. Waar is je moeder, kind? Waar je vader? Jij woog het minste, dus je mocht van de zee als eerste aan land. Het land dat je niet kon of wilde hebben.
  Vlak na de oorlog verhuisde ik naar het dorp aan een rivier. Vergeleken bij de zee leek de rivier een kinderachtig watertje, waar ik geen enkele vrees voor had. Dat is me slecht bekomen, want ik verdronk in diezelfde rivier.
  Met veel moeite werd mij opnieuw lucht ingeblazen en kwam het leven weer terug op zijn plek. Gelukkig waren er mensen om mij heen, die me kenden en me verzorgden, liefderijk en vol medelijden. Ik was niet alleen. Mijn vader sprak me streng toe en mijn moeder maakte een beschuitje met aalbessen uit de tuin, met suiker er op. Toen brandden mijn ogen ook al zo. 
Ook de beelden van de voornamelijk Syrische en Irakese vluchtelingen aan de grenzen van Macedonië kan ik maar niet van mijn netvlies krijgen. Wanneer houdt die stroom vluchtende mensen op? Hoelang moeten we ons nog medeverantwoordelijk blijven voelen voor deze verschoppelingen? Iemand zei van de week tegen me:”Ik weet niet hoeveel ik nog dragen kan..” Wat een teleurstelling, verdriet en vertwijfeling spreekt er uit deze opmerking. Hoeveel kunnen zij nog verdragen. Hoeveel kan Europa nog dragen, vraag ik me af bij de journaalbeelden. Die steeds maar toestromende mensenhorden, die in golven naar de wanhopige kijkende Macedonische soldaten afkomen. Lemmingen, dacht ik. Dit heb ik eerder gezien bij de lemmingen, u weet wel, die schattige diertjes, die in grote getalen zich naar de afgrond begeven en zich massaal in de diepte storten. Zij werden echter niet door oorlogen gedreven, maar door honger. Als er teveel van die beestjes komen, dan is er geen eten genoeg meer. Hele hongerige lemmingvolkeren raken dan op drift en in blinde haast volgen ze elkaar ongeacht wat er onderweg gebeurt. Lemmingen aan de randen van Europa, aan de randen van Nederland, aan de randen van Westerwolde. En wij, wij staan met de handen in de lucht en weten niet meer wat aan te vangen met zo’n omvangrijk probleem. Landen beginnen zich te verschansen achter snel opgeworpen barricades en prikkelhekken. Grenzen worden gesloten. Intussen hopen de vluchtelingen zich op en breken hier en daar door de beveiligingen heen. Wat zou ik doen, als ik daar tussen stond, met mijn kleinkind in de armen. Wat zou u doen?
Het makkelijkste is ‘niet aan denken’. Maar het komt zo dichtbij, je moet er wel aan gaan denken. En aan de basis van al dit kwaad liggen godsdienstverschillen. Geloof me, elke, maar dan ook elke, godsdienst die anderen het leven ontneemt is een leugen. Elkaar het licht in de ogen niet gunnen hoewel ze allemaal ‘naastenliefde’ verkondigen. Verdrietig kijk ik naar mijn vrouw die ook de beelden ziet. Ze slikt en haar ogen glanzen net iets te veel. 
Wij kunnen elkaar troosten , maar wie troost hen daar. Daar zijn immers geen troostwoorden meer voor te vinden. 
 Buig diep voor het lijden van anderen. Christenen buigen wel voor het lijden van jezus. Mohammedanen buigen meermalen per dag voor hun god. Joden wiegelen tegen een muur en vragen hopelijk vergeving voor hun foute gedrag. Nederlanders liegen nog steeds over Ambon en Indonesië. Mijn ogen branden inderdaad van de tranen die niet meer willen komen, maar kijk goed om je heen onder het water als je schelpen zoekt, ook als het zoutje ogen verschroeid. Kijk goed naar de lemmingen. Kijk daarna nog eens naar jezelf en schaam je voor je belijdenissen. 

maandag 6 juli 2015

morgen op het water

morgen op het water


het is in de vroegte van de dag
daar hou ik van
zien hoe de morgen zich door de nevels vecht
naar het zonlicht
neus ogen oren
gespitst gesperd
zoals mijn hond
die mij roept
als een vreemde
mijn grint doet knerpen
het water droomt nog even
wil de geheimen van de nacht
nog niet naar buiten dragen
nog even je warmte vasthouden
het laken in de hals
dan breekt de aarde weer open
spuwen de fabrieken schaars geklede dagjesmensen
op vlonders en in boten
de futen duiken onder
slechts de brutaalste van de eenden
kloppen hen de zakken leeg
zoals de bootverhuurder en de bakker
maar nu nog even niet
nog even is het water van mij en de vogels
het omarmende groene water
leven en dood tegelijk
ik voel de dreiging onder me
angst
mijn botten tintelen van genot
uitgelatenheid
beide ken ik van dichtbij
een ver maar toch vertrouwd familielid
alsof ik huiswaarts keerde

als de nevels zijn vervlogen
keer ik om
naar mijn landhuis




zondag 21 juni 2015

windkracht

windkracht

mijn voet zoekt aarzelend jouw been
gespannen teder
ssst windkracht een

ik ga op reis en jij gaat mee
de zon komt op
't is windkracht twee

mijn schouders strelen zacht je knie
het bloed steekt op
bij windkracht drie

de mens treedt over in een dier
de huid verkilt
van windkracht vier

warme wind spoelt door het lijf
je voelt het suizen
door windkracht vijf

de mens is prooi en 't mes
valt aan
bij windkracht zes

de koers is vrij het wendt de steven
meeuwen zeilen
windkracht zeven

golven slaan met brute kracht
ramen sluiten
bij windkracht acht

water spoelt de wolken tegen
natuurgeweld
't is windkracht negen

toon je ziel laat sluizen zien
het onweer dondert
windkracht tien

dijken breken het breekt jezelf
innovatie
windkracht elf

het blad verkleurd in ruisend zweven
de wind neemt af
naar windkracht zeven

van 't strand waait op een stuk papier
maar 't valt weer neer
't is windkracht vier

samen ademen met de zee
van liefde suizend
windkracht twee

samen zoet zijn als een kind
samen liggen
en geen wind



donderdag 18 juni 2015

het land van Kuss

het land van Kuss

ik leefde in het land
dat god had laten vallen
tussen beide pinken door
het glipte zomaar uit zijn hand
zweefde ziggezaggend naar benêe
want toen waren de landen nog licht
een ijle bries blies
de aarde schoon en
er kwamen bloemen
eindeloze velden vol
in geel en blauw
met rood en wit omzoomd
met blâren taupe en omber
vogelzang klonk voor het eerst
het deed mij stil zijn van verwondering en geluk
kusten kwamen
stranden
en meeuwen roepend in het blauw
zeeën wit en turkoois
de tedere aanraking op mij arm
was een vlinder
zo schoon zo compleet van pracht en eenvoud
dat ik ontroerde
voor het eerst proefde ik het zout
op de lippen van mijn mond
voor het eerst ook proefde ik het zout in mijn wonden
en wist ineens waarvan het kwam
ik moest ervan gaan zitten
op de mosbegroeide grond
kleed op het zand
de speelse wind tilde het blad
en bracht het
naar de paar huizen van de stad
om te versmelten met de aarde
ook proefde ik
het water van haar lippen
anders maar ook zout
ik wilde zeggen
maar vond nog geen woord
haar vinger op mijn mond
en met getuite lippen rond
zei ze susss
ik zuchtte
en noemde haar Kuss

was ik eens in het land van Kuss
tussen roodgeelblauwe bomen
is er één ding dat heel zeker is
ooit zal ik daar weer komen


woensdag 17 juni 2015

Ik eerst

Ik eerst

ik eerst
zei de gek' en hij spreidde
zijn neusvleugels
zodat er niemand meer langs kon
en zij
zij lachte haar tanden wit
voor de bakker van haar herinnering
en het broodsbed
dat zij van hem leerde
ook de groene vingers
van de bloemenkoopman
hadden haar bossen bijeen gegaard

ik eerst
zei de gek
en zij spitste haar tepels
zodat zij iedereen weg kon duwen.
en hij
hij schreide stenen druppels
voor de studente uit zijn jeugd
en het boek
dat zij hem deed lezen
ook de koude handen
van de kerk
hadden zijn landschap bevroren

ik eerst
zei de gek
en hij kloofde zijn nagels
zodat hij zijn woorden kon scherpen
en zij
zij pompte haar voeten
om vluchtig te kunnen zijn
als ze dat wilde
ook verliet zij het veld
dat zijn gras bevolkte

ik eerst
zei de gek
en zij
zij opende haar brede lippen
voor het kind van haar verbeelding

ik eerst
zei het kind
het sperde zijn tanden
en verslond hen beide